Niet-recycleerbare verpakkingen
Twee basisfactoren kunnen de recyclage van een verpakking belemmeren: het materiaal waaruit de verpakking vervaardigd is en het product zelf.
Alle materialen die technisch niet recycleerbaar zijn of waarvan de recyclage economisch onverantwoord is, worden beschouwd als niet-recycleerbare materialen.
Er zijn ook wettelijke beperkingen voor wat betreft de inhoud: primaire verpakkingen van fytofarmaceutische producten bijvoorbeeld kunnen niet gerecycleerd worden.
Er zijn ook technische beperkingen: bijvoorbeeld thermoharders die ook niet recycleerbaar zijn.
Onderstaande tabel vermeldt alle bedrijfsmatige verpakkingen die aangegeven moeten worden als niet-recycleerbaar.
Papier/karton
- Geparaffineerd, gebitumeerd en gesiliconeerd papier/karton.
- Composiet papier/karton met meer dan 15% niet-vezelmateriaal.
- Papier/karton dat rechtstreeks in contact is geweest met een gevaarlijk product.
Kunststof
- Laminaten, kunststoffen gekleefd op andere ondergrond.
- Thermoharders (bv. polyesters, vernet PE, enz.)
- Primaire verpakkingen van fytofarmaceutische producten.
Hout
- Hout behandeld met gevaarlijke producten zoals verduurzaamd hout of hout behandeld met brandvertragende producten.
Glas
- Glas dat lood bevat.
Overige
- Technische samenstellingen zoals zandsteen en porselein.
Vanzelfsprekend is deze lijst onderhevig aan veranderingen in functie van de technologische en wettelijke evolutie.


